Sluiten

Categorieën

Filters
    Woensdag 29 Mei 2022

    Vitrineverhaal #4 Het Oranjehotel

     

    Scheveningen, 21 januari 1942. Buiten is het donker. De deur van cel 577 in de Scheveningse gevangenis gaat open, waarna de Duitse politie Titus Brandsma naar binnen dirigeert. De hoogleraar en priester zou katholieke krantredacties oproepen zich te verzetten tegen de publicatie van NSB-advertenties. De knal van de dichtslaande celdeur echoot nog secondenlang na. Ook in deze ‘kamer’ van het ‘Oranjehotel’ – zoals de bijnaam van de gevangenis luidt – wordt het donker.

     

    En dag later volgt het verhoor van Brandsma. De Duitsers willen weten waarom Nederlanders de NSB haten; ze vragen hem om hierover een stuk op te tekenen. Hij geeft gehoor. In zijn cel schrijft hij Het Laatste Geschrift, dat nog tijdens de oorlog wordt gepubliceerd.

     

    Enkele weken nadat Brandsma zijn gedachten op papier zette, moet de geboren Fries op transport: via Kamp Amersfoort en de gevangenis in Kleef belandt hij in het Duitse concentratiekamp Dachau. Hier vindt de 61-jarige Brandsma op 26 juli 1942 zijn dood…

     

     

    25.000 gevangenen

    Brandsma was één van de 25.000 gevangenen die tussen 1940 en 1945 vastzaten in Scheveningen. Joden, Jehova’s, Roma, Sinti, communisten en vooral verzetsmensen kwamen via het Oranjehotel in Duitse gevangenissen of kampen terecht. Zo’n 250 gevangenen haalden dat niet eens. Zij werden ter dood veroordeeld en gefusilleerd in de duinen, op de Waalsdorpervlakte. Na de oorlog bleef het huis van bewaring nog lang dienst doen: eerst voor opgesloten Duitsers en NSB’ers en later als reguliere bajes.

     

    Museumtransformatie door KEEN

    In 1946 richtten een aantal oud-gevangenen Comité Oranjehotel op en realiseerden ze Monument Oranjehotel: een herdenkingsplek bestaande uit onder meer ‘Doodencel 601’, het poortje naar de Waalsdorpervlakte en de ‘Doodenboeken’. Om dit monument te beheren, volgde de oprichting van Stichting Oranjehotel. Die maakte zich na het sluiten van de gevangenis in 2009 hard voor het behoud van het pand. Verhalen als die van Brandsma mogen nooit verloren gaan – daaruit blijkt hoe kwetsbaar vrijheid is.

     

    “Toch stond het op de nominatie voor sloop…”, vertelt Herman van Eldik van het Haagse ontwerpbureau KEEN Blikverruimers. “De stichting, die nu uit nabestaanden bestaat, ging daar pontificaal voor liggen. Met succes, want uiteindelijk hebben ze hun ultieme doel bereikt: restauratie van het complete Oranjehotel en een transformatie tot museum. Inmiddels is het gebouw een rijksmonument, waardoor het niet meer gesloopt kán worden.”

    “Het was ons doel om iets te maken waar bezoekers stil van worden”

    ‘Laten zien hoe het écht was’

    Herman kreeg daarbij de opdracht om het interieur te verzorgen, met daarin een verhaallijn verwerkt. “Het was ons doel om iets te maken waar bezoekers stil van worden”, legt hij uit. “Vooral door te laten zien hoe het in die tijd écht was. Dat doen we met verhalen van gevangenen en nabestaanden, en via informatie over de rechtspraak van toen. Maar ook door vaak de kleur rood te gebruiken, als symbool voor schuld en het bloed dat aan het gebouw kleeft.” Bij de uitgang ligt een gastenboek. De berichten die bezoekers achterlaten zijn vaak kort, zoals ‘indrukwekkend’ of ‘dit mag nooit meer gebeuren’. Herman: “Dus ja, ik denk dat we ons doel hebben bereikt.”

    “SDB heeft exclusief voor het Oranjehotel een profielsysteem ontwikkeld”

    Exclusieve SDB-profielen

    De restauratie was een samenwerking tussen aannemer Heymans en KEEN (Maarten Stolk en Herman). Ze hebben daarbij onder meer gebruik gemaakt van het vakmanschap van SDB Vitrinebouw. “Samen hebben we alle vitrines ontworpen, ontwikkeld en gebouwd”, legt Herman uit. “Daarnaast heeft SDB exclusief voor het Oranjehotel een profielsysteem ontwikkeld, waar we gemakkelijk panelen of glas in kunnen schuiven. Bovendien zorgt dit systeem voor eenheid in het ontwerp, wat misschien wel onze grootste uitdaging was.”

     

    Nu, een kleine drie jaar na de opening van het museum, kijkt Herman tevreden terug op de samenwerking met SDB. Vanwege het fraaie eindresultaat én de manier waarop dit tot stand is gekomen. “Ze denken echt mee”, vertelt hij. “Ook zijn ze flexibel en het lukt ze zelfs om ogenschijnlijk onhaalbare deadlines te halen. Wat het meest bijzonder was aan dit project? Dat we dit vanaf de eerste schets neer mochten zetten. Verder noem ik de samenwerking met Stichting Oranjehotel. De leden zijn emotioneel betrokken, waardoor onze museale ervaring nog veel meer waarde heeft gekregen.”

     

     

    Achter elk object in een vitrine schuilt een bijzonder verhaal. Het pronkstuk heeft de ereplaats achter glas natuurlijk niet voor niets gekregen. We vertellen deze historische, spannende en meeslepende verhalen in de rubriek Vitrineverhaal.

     

    Heeft u ook een Vitrineverhaal om van te smullen? Laat het ons weten via [email protected].

    Nieuws en inspiratie